- Kernenergiewet:
- wetgeving specifiek voor kernenergie en algemene discussie over- en ontwikkeling van de Kernenergiewet
KFD van SZ naar VROM
De Kernfysische Dienst wordt overgeheveld van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar VROM. De KfD is verantwoordelijk voor de uitvoering van het toezicht op de naleving van vergunningen op grond van de Kernenergiewet. Dit is opnieuw een verdere concentratie van kernenergie (taken) op het ministerie van VROM “ter bevordering van effectiviteit en eenheid van beleid en uitvoering op het gebied van kernenergie ligt bundeling van taken en deskundigheid bij een departement voor de hand.” Sociale Zaken blijft nog wel verantwoordelijk voor normstelling voor de arbeidsveiligheid (stralingsbescherming werknemers).
Afvalbeleid van EZ naar VROM
Tot nu toe is de primair verantwoordelijke voor het onderzoek op het gebied van radioactief afval het ministerie van EZ. Dat is “te begrijpen vanuit het historisch gezichtspunt, waarbij Economische Zaken pleitbezorger was van de introductie van nucleair elektriciteitsvermogen.” Maar dat gaat nu veranderen: “Inmiddels kan geconstateerd worden dat Economische Zaken –zeker na de liberalisering van de elektriciteitsmarkt- niet langer een brandstofinzetbeleid voor de elektriciteitsproductiesector kent en daarmee ook niet langer pleitbezorger is voor de inzet van nucleair vermogen. Daarmee is het radioactief afvalbeleid –net als het overige afvalbeleid- er veeleer een geworden dat primair dient te vallen onder de beleidsverantwoordelijkheid van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer.” EZ blijft echter wel primair verantwoordelijk voor het energiebeleid en dus ook voor kernenergie.
Aanpassingen in Wijzigingsvoorstel kernenergiewet
"In het kader van de in het Energierapport aangekondigde 'no-regret' maatregelen om een volgend kabinet in staat te stellen een weloverwogen besluit over kernenergie te nemen, heeft het kabinet besloten dat het voorliggende wetsvoorstel tot wijziging van de Kernenergie aanpassing behoeft." Aldus Cramer (VROM) en Van der Hoeven (EZ) aan de Kamer. Dit betekend dat het kabinet tot de conclusie is gekomen dat het wetsvoorstel dat door het vorige kabinet in januari 2006 bij de Tweede Kamer is ingediend, aangepast moet worden. Onderdelen die van invloed zijn op de toekomst van kernenergie in Nederland ("die de toekomst van kernenergie in Nederland bemoeilijken) worden uit het wetsvoorstel gehaald. Slechts de wijzigingen die “van meer technische aard zijn of algemeen gedragen worden en niet op latere besluitvorming vooruitlopen", worden gehandhaafd. De onderdelen van het wetsvoorstel over toekomstig beleid met betrekking tot opwerken en de geldigheidsduur van vergunningen voor nieuwe kerncentrales vervallen hiermee.
Het nieuwe Wijzigingsvoorstel kernenergiewet