- Argumenten en twijfel:
- publieke discussie en/of twijfel over veiligheid, straling, broeikas, rampenplannen, proliferatie, aansprakelijkheid, etc. Deze inhoudelijke discussies worden maar minimaal weergegeven in deze chronologie
Tsjernobyl
Om 01.24 uur plaatselijke tijd, ontploft in de Sovjet-Unie (nu Oekraïne) de vierde reactor van het kerncentralecomplex in Tsjernobyl. De reactor was net in bedrijf en een aantal tests moesten nog worden gedaan. Een daarvan leidt tot de grootste kernramp uit de geschiedenis van het nucleaire tijdperk. Op 28 april dringt het nieuws langzaam de rest van de wereld binnen als een verhoging van de in Zweden gemeten radioactiviteit niet van de plaatselijke kerncentrales blijkt te komen, maar van een kerncentrale een paar duizend kilometer verderop.
Nederland is (net als alle andere landen) niet voorbereid: er komt een crisiscentrum en een informatiecentrum en een aantal maatregelen wordt vastgesteld die genomen moet worden in geval de radioactieve wolk Nederland bereikt. Er worden, uitsluitend voor jodium, normen vastgesteld waarboven voedsel en melk niet meer geconsumeerd mag worden: voor groente is dat 1300 becquerel per kilo en voor melk 500 Bq per liter. Ter vergelijking: in de jaren 50 werden de bovengrondse kernproeven stopgezet omdat men bij proeven in voedsel 10 Bq per kilo aantrof! Eind mei komen er in Europees verband ook normen voor cesium: voor groente 600 Bq per kilo en 370 Bq per liter melk. Op 1 januari 1990 gaan nieuwe normen van kracht: in melk mag 500 Bq jodium plus 1000 Bq cesium; in groente 2000 Bq jodium plus 1250 Bq cesium. Deze normen, vastgesteld door de Europese Commissie, terwijl het parlement veel strengere normen wilde, zijn, hoewel met goedkeuring van Nederland genomen, nooit in het Nederlandse parlement besproken.
Op 2 mei komt de Tsjernobyl-wolk Nederland binnen drijven. Op 3 mei moeten de koeien uit de wei, omdat het gras te radioactief is, op 9 mei mogen ze weer terug de wei in. Van 7 tot 10 mei wordt de spinazie doorgedraaid, mensen worden aangeraden die uit hun eigen tuin ook te vernietigen. Maar de cesiumwolk komt niet boven Nederland. “we hebben al met al veel geluk gehad”, zegt Landbouw minister Braks.
Het ongeluk gebeurt 3 weken voor de Tweede Kamerverkiezingen en heeft onmiddellijk invloed op de partijstandpunten, maar ook op de besluitvormingsprocedure rond nieuwe kerncentrales. De (al gevorderde) plannen gaan de la in en er komt een ‘herbezinning’ op kernenergie.
Een uitgebreide chronologie van de gebeurtenissen
OSART-Borssele aangeboden
Het rapport van de OSART-missie wordt aan de Tweede Kamer aangeboden. Het IAEA Operational Safety Review Team heeft naar aanleiding van Tsjernobyl van 6 tot 24 oktober 1986 de veiligheid van Kerncentrale Borssele onderzocht. Volgens het persbericht zijn er alleen kleine tekortkomingen gesignaleerd, die deels al verholpen zijn. Als gevolg van het rapport wordt de centrale eerder stilgelegd voor het jaarlijkse onderhoud en er worden extra mensen in dienst genomen.
Het concept–rapport van het OSART dat onmiddellijk na de inspectie naar de PZEM (en overheid) is gestuurd is, al door Vrij Nederland in december geciteerd en was een stuk minder positief over de veiligheids. Het rapport wordt na druk van de Kamer openbaar gemaakt waardoor de verschillen met het officiële Nederlandse rapport goed duidelijk worden. Een van de aanbevelingen die OSART doet is een op afstand bedienbaar beleidscentrum waarmee de centrale uit bedrijf kan worden genomen.
Dat was ook al een aanvullende eis van de Kroon bij het afwijzen van de bezwaren op 13 september 1979(!) tegen de inwerkingstelling van de centrale. Een motie van de PvdA over het langdurig stilleggen van de kerncentrale totdat alle gebreken verholpen zijn (zoals ook B&W van Middelburg wil), wordt door de Kamer op 2 februari verworpen. Alleen PvdA, D66, PPR en PSP stemmen voor. Ook een motie waarin opgeroepen wordt de bestaande kerncentrales mee te nemen in de herbezinning over kernenergie wordt verworpen met dezelfde stemverhouding. De centrale wordt op 25 maart, na twee maanden stil gelegen te hebben, weer opgestart.
36 maatregelen nodig voor verhoging veiligheid
Het Duitse GRS (Gesellschaft für Reaktorsicherheit) heeft in opdracht van de Nederlandse regering de veiligheid van Dodewaard en Borssele onderzocht. Het is een van de rapporten in het project Herbezinning Kernenergie, naar aanleiding van Tsjernobyl. De GRS adviseert voor Borssele 15 en voor Dodewaard 21 maatregelen, die vele tientallen miljoenen guldens kosten en warvoor de centrales ws. een jaar stil moeten liggen. Toch concludeert de Kernfysische Dienst dat de centrales veilig zijn, al doen ze wel een aantal aanbevelingen om die veiligheid te vergroten. Milieudefensie concludeert dat het dan logisch is, gezien de kosten en de duur van de reparaties en de ouderdom van de centrales, om ze definitief te sluiten.
Gevolgen van groot ongeluk
Het Kabinet stuurt opnieuw een aantal rapporten naar de Kamer in het kader van het project ‘Herbezinning Kernenergie’. Het zijn onderzoeken van het ECN over de gevolgen van een groot ongeluk: over aantallen slachtoffers (“geen directe doden, op korte termijn, bij ongunstige weersomstandigheden tussen 0-1000, op lange termijn neemt de kans om aan kanker te overlijden toe“) en over de economische schade na een groot ongeluk (“f 16 miljard, tenzij Rotterdam getroffen wordt door ongeluk in kerncentrale Moerdijk, dan f 30 miljard.“) Er is veel kritiek: de gevolgen worden enorm onderschat.
GKN 25 jaar oud
De GKN bestaat 25 jaar en op een symposium wordt de lofzang gezongen over het ontwerp van de centrale in Dodewaard en hoe die model zal gaan staan voor de nieuwe generatie passief-veilige reactoren.. ‘Inherent veilig’ worden ze ook graag genoemd, maar Arnold, directeur Dodewaard, zegt: ”Inherent veilig bestaat niet en zal ook nooit bestaan“ Hij veronderstelt wel dat de passief veilige centrale, gebaseerd op Dodewaard, (de SBWR) vanaf 1995 in productie zal worden genomen. Optimisme is ook te horen over de kansen om kerncentrales te bouwen: “Kernenergie draagt bij tot een schoner milieu“ wordt veelvuldig gehoord als antwoord op een grotere aandacht voor milieuproblemen in de samenleving.
Wereld zonder Nederland, meer CO2 uitstoot
Mondeling overleg over inventarisatie van studie en onderzoek naar kernenergie, zegt de minister van EZ (Andriessen) een paar vreemde zaken: hij kan het zich niet voorstellen dat Nederland het in 2000 zonder kernenergie kan doen, en de bewindsman “wees erop dat, als nergens ter wereld kernenergie werd toegepast, er 9% meer CO2 zou zijn, en dat, als er geen Nederland op de wereld zou zijn, er 1% meer CO2 zou zijn.“
ECN: 'Rio niet haalbaar'
In de Nationale Energieverkenningen 1990-2015, zegt het ECN dat Nederland onmogelijk kan voldoen aan de doelstelling die in Rio de Janeiro zijn afgesproken (3-5% minder CO2 uitstoot in 2000) met het huidige energiebeleid. Er moet, volgens ECN, geavanceerde kolenverbranding worden toegepast (met ook nog CO2-afvang), bezuinigd op energiegebruik en er moeten nieuwe kerncentrales gebouwd worden. Maar dan nog is hooguit een reductie van 18% CO2-emissies mogelijk. Het onderzoek gaat uit van drie scenario’s waarin de economie (met verschillende snelheid) groeit. De doelstelling van het Verdrag van Rio waaraan Nederland zich heeft gecommitteerd is dat in 2005 20% minder CO2 uitstoot moet zijn dan in 1989-1990. Uit veel rapporten, waaronder die van TNO, blijkt kernenergie een erg dure manier is om de uitstoot van CO2 te bestrijden.
Verdrag van Kyoto
In Kyoto komen onderhandelaars tot overeenstemming over een historische verdrag. Historisch omdat er voor het eerst in de geschiedenis bindende afspraken zijn gemaakt die landen dwingen CO2-emissies te beperken. Maar het scepticisme bij milieubeweging en ook de industrie is groot. De industrie, bijgestaan door de regeringen van bijv. de VS en Australië, zegt dat er sowieso geen sprake is van het broeikaseffect en er al helemaal geen aanwijzingen zijn dat de mens (in de vorm van de uitstoot van broeikasgassen) bijdraagt aan de niet bestaande klimaatverandering. De milieubeweging vindt dat de reducties lang niet ver genoeg gaan en het verdrag ‘loopholes’ in zich bergt die het voor de rijke, geïndustrialiseerde landen mogelijk maakt geen of nog minder reducties toe te passen. De 4 belangrijkste zijn: Emission trading (het kopen van emissierechten in het buitenland), emissions banking (emissierechten bewaren voor een volgend jaar om meer te kunnen uitstoten), carbon for sale (zgn. Joint Implementation, investeringen in ander landen mogen landen van hun binnenlandse emissie aftrekken), carbon sinks (een aftrek voor de aanwezigheid binnen de landsgrenzen van bijvoorbeeld bossen die CO2 opnemen).
De Tweede Kamer zal de ratificatie van het verdrag in februari 2002 goedkeuren, maar het zal dan nog jaren duren voor het in werking treedt. Om van kracht te worden moet het Protocol door minimaal 55 landen worden geratificeerd. Tevens moeten die landen samen verantwoordelijk zijn voor 55 procent van de wereldwijde kooldioxide-uitstoot.
Vanaf ‘Kyoto’ wordt de bestrijding van CO2-emissies en de rol die kernenergie daarin kan spelen een belangrijk punt in de discussie.
“80% minder CO2 mogelijk zonder kernenergie”
Greenpeace presenteert een scenario voor een schone en klimaatveilige energievoorziening: ‘De Nederlandse energierevolutie’, voor een energievoorziening zonder kernenergie en zonder CO2-opslag. Volgens het scenario (berekend door het Duitse Lucht- en Ruimtevaart Instituut) kan Nederland de uitstoot van CO2 in 2020 met 30% verminderen en met bijna 80% in 2050. In eerste instantie nemen de kosten toe, maar uiteindelijk komen ze veel lager uit dan in het referentie-scenario van de EU. Noodzakelijk is dat het nieuwe kabinet 200 miljoen euro per jaar extra vrijmaakt voor duurzame energie en groots inzet op efficiënter energiegebruik. Daarnaast moet vol worden ingezet op windenergie (vooral op zee), zonne-energie, waterkracht en energie uit biomassa en biogas.
Het energiescenario van Greenpeace[*].